Een oud Nederlands gezegde luidt als volgt. “Hij heeft kliek en bal”. Dit betekent dat hij alles heeft wat hij nodig heeft. Dit gezegde is afkomstig uit de kolfsport. Kolf wordt gespeeld met een Kolfstok genaamd “Kolf” of “Kliek” en een bal.

Sinds november 2019 beschikt het Golfmuseum naast een Kliek ook over twee Kolfballen en hebben wij “kliek en bal”. Beide ballen zijn “gummi” ballen en zijn circa honderd jaar oud. Gummi ballen worden gemaakt van rubber (gutta percha of gummi genaamd).
De kolfballen zijn geschonken door Rob Jongewaard en Dirk Mulder. Rob Jongewaard is lid van de kolf sociëteit “Onder Vrienden” uit Oudkarspel en is tevens een kolfballenmaker. Hij kreeg de kolfbal aangeboden om te restaureren maar de bal was niet meer geschikt te krijgen voor officieel wedstrijd gebruik. De andere bal is geschonken door Dirk Mulder, lid van de kolf sociëteit “Onder Ons” in Andijk. Deze bal is o.a. door de vader van Dirk gebruikt tijdens zijn kolfloopbaan. Bij deze bal zit ook nog de zak waar een kolfbal in wordt bewaard en vervoerd. De zak hing meestal bij een kachel zodat de bal altijd gebruiksklaar was. De zak werd vervolgens aan het stuur van een fiets gehangen om naar de wekelijkse Soosavond te gaan.

De Kliek is oktober 2018 geschonken door Mark Aberkrom uit Venhuizen,  voormalig voorzitter van de Koninklijke  Nederlandsche Kolfbond.
De Kliek is samengesteld uit een stok (houtsoort onbekend) en een messing ‘slof’. De slof werd meestal door een lokale smid vervaardigd en de lokale timmerman bevestigde de stok waarbij de lengte werd afgestemd op de speler. Klieken zijn derhalve allemaal verschillend in gewicht en lengte. De speler zocht “Een kolfje naar zijn hand”.
De Kliek is afkomstig van de eerste kwart van de 20ste eeuw en uit Drechterland in West-Friesland. De Kolfspeler die met deze kliek heeft gespeeld was linkshandig en klein van stuk (gezien de lengte van de stok).